Pilot: Agro Energie en Klimaat

  • iedereen (publiek zichtbaar)

Energiebesparing in de agrarische sector

 

LTO Noord is de trekker van de pilot. Samen met het ECE is een aanpak opgesteld om agrarische bedrijven te stimuleren de erkende maatregelen te treffen. In de pilot is gekozen voor een actieve samenwerking met de regionale uitvoeringsdiensten of omgevingsdiensten (RUD's). De RUD's zijn verantwoordelijk voor het toezicht op de erkende maatregelen, zij hebben daarmee een natuurlijke rol in de advisering dan wel het afdwingen van de uitvoering van de maatregelen. 

 

Onderstaand kader geeft een korte toelichting op de uitgangssituatie in de agrarische sector. 

 

Agrosector De agrosector bestaat uit verschillende subsectoren; de veehouderij, de akkerbouw, glastuinbouw, etc. en aanverwante bedrijfstakken (bijvoorbeeld agrologistiek). Met ieder een eigen energiebesparingspotentieel. Kenmerkend voor de sector zijn de vele familiebedrijven. Tegelijk kenmerkt de landbouw zich door grote verschillen tussen en binnen de sectoren zowel qua omvang, type activiteiten (onder meer ook de combinatie met hele andere activiteiten als zorg, recreatie ), mechanisatiegraad etc. . In de uitwerking van de erkende maatregelen betekent dit bijvoorbeeld dat voor 5 subsectoren factsheets zijn ontwikkeld.  Achtergrond De Agrosector is al actief met het creëren van bewustwording over energie(besparing), door inzet van projecten en programma’s in het kader van het convenant Schone en Zuinige Agrosectoren. Zo had het communicatieprogramma AgroEnergiek als doel om agrarische ondernemers te informeren, enthousiasmeren en stimuleren om aan de slag te gaan met energiebesparing, energieproductie en reductie van overige broeikasgassen. Op de website agroenergiek.nl zijn onder meer concrete maatregelen en rekentools gebundeld en breed beschikbaar gesteld. AgroEnergiek heeft daarnaast inzichtelijk gemaakt hoe agrarische ondernemers tegen energiethema’s aankijken, welke (besparing)maatregelen al zijn getroffen en hoe ondernemers geïnformeerd en ondersteund willen worden.  LTO Noord heeft daarnaast al een lopend energiebeleid: het Programma Klimaat en Energie 

 

 

De pilot heeft een aantal doelen:

* Het bepalen op welke wijze en met welke inzet ondernemers in de agrarische sector energiebesparende maatregelen gaan treffen. Idee is om daarbij in een aantal geselecteerde pilotregio’s ervaring op te doen, met een aantal geselecteerde thema’s. 

* Een tweede doel is het ontwikkelen van een manier van samenwerking tussen de verschillende partijen (RUD, LTO Noord, RVO en Infomil) 

* Het toetsen van de praktische waarde van de lijst erkende maatregelen en voor welk deel van de bedrijven deze gelden. Bij de start van de pilot is nog onvoldoende duidelijk welk deel van de agrarische bedrijven onder de verplichting valt en in hoeverre deze de maatregelen al of niet hebben getroffen

 

In de pilot is geëxperimenteerd met twee verschillende aanpakken. Eén samen met de RUD IJsselland en één in ontwikkeling op dit moment samen met de omgevingsdienst Groningen. 

 

Doelgroep

 

* De pilot met de RUD IJsselland richt zich op de melkveehouderij.

* De pilot met de Omgevingsdienst Groningen richt zich in ieder geval op de akkerbouw en wellicht nog op andere sectoren.

* Het informatie materiaal wordt ontwikkeld voor 5 subsectoren, namelijk: de melkveehouderij, de akkerbouw en open teelten, de pluimveehouderij, de varkenshouderij en de bloembollensector. 

 

 

Samenwerkingspartners

 

* LTO Noord

* RUD IJsselland

* Omgevingsdienst Groningen

* Infomil

* Wellicht nog Klimaatroute

* Expertisecentrum Energiebesparing

 

Resultaten:

  • Samenwerking LTO en RUD’s, meerwaarde om één boodschap af te geven, zelfde communicatie-materiaal
  • 10 melkveehouders bezocht en geadviseerd over erkende maatregelen
  • Streven: nog 10 akkerbouwbedr. een advies + vervolgtraject aanbieden
  • Concrete factsheets over erkende maatregelen voor 4 sectoren

AgroEnergiek website met informatie over duurzame energie en energiebesparing, praktijkverhalen, tools etc

Contactpersoon: Wouter Veefkind van LTO Noord.